Hej logo: kastanje

Druk, druk druk... Help ik verzand!

8 mei 2017


Vandaag had ik weer eens zo’n dag. Ik was vast van plan om aan een groter project te gaan werken, maar heb mijn dag weer gevuld met ‘dingetjes’, los zand; vragen en gedrag van collega’s die ook geconfronteerd zijn met onvoorziene vragen en gedrag van andere collega’s. Zo houden we elkaar met gemak elke dag bezig. Omdat ieder voor zich, net als ik, een andere invulling had bedacht voor die dag beginnen we tegen elkaar te klagen, proberen we richtlijnen en processen te bedenken voor deze ad hoc vragen,  zeggen we dat we het te druk hebben en omdat niemand dit gedrag weet te keren stijgt het gevoel van onmacht, frustratie. Herman van Veen zong er lang gelden al over


Waar je ook kijkt en waar je gaat

of de zon boven m'n hoofd

of in de verte staat

ik zie alleen maar zand

van hier, tot aan de overkant

alleen maar zand


zand onder m'n nagels

zand op m'n benen

zand in m'n haren

zelfs tussen m'n tenen

zand in m'n oren

m'n ogen

m'n neus

zelfs wat in m'n mond

tussen m'n kiezen

het kriebelt

o wat kriebelt het

'k moet even niezen


en dat zand gaat overal zitten. En dat is irritant!


De oplossing lijkt dan te liggen in “ik werk een dagje thuis”; Blijkbaar wordt vooral diegene belast met ‘dingetjes’ die in 't zicht zit.


Wat door de focus op dat ongrijpbare zand onzichtbaar blijft, is dat zowel de zandstrooier als de zandverplaatser minder krijgt dan hij verwachtte. Wel is er het gevoel van hopeloosheid en frustratie, waardoor beiden geen energie over hebben om een constructief gesprek op gang te brengen.


Wanneer is zand prima hanteerbaar?

Daarvoor heb je golfballen nodig!


Golfballen? Als je start met zand in de emmer te scheppen, dan kunnen er nooit zoveel golfballen bij als dat je begonnen was met de golfballen. Die golfballen staan voor activiteiten die bijdragen aan een groter doel, of project. Als het goed is, heeft iedereen zijn bijdrage hieraan. Doorbreek het zandscheppen en beslis welke golfballen jij eerst die emmer in gooit! Dan kan er altijd ook wat los zand bij.

I Daniel Blake, niet slechts film maar de brute werkelijkheid

8 april 2017


Kun jij jezelf elke dag recht in de spiegel aankijken en zeggen dat jij hebt gehandeld met respect voor de mens tegenover je. Kun jij oprecht zeggen dat je hart voorrang heeft gekregen op regeltjes of procedures? Laat je je leiden door je hart voor jezelf of voor de ander? Afgelopen twee weken hebben meer dan anders voor mij in het teken gestaan van de confrontatie met mensen die regels en eigen belang voor laten gaan op respect voor de ander. Dat raakt me diep.

Of je nu zonder je af te melden een groep collega’s in een vergadering op je laat wachten, of dat er geen werkelijke hulp blijkt gegeven te worden aan kinderen in de knel in een jarenlange vechtscheiding, het ontbreken van enige vorm van besef dat je met echte mensen te maken hebt vind ik onbegrijpelijk.


Een van mijn wensen voor alle mensen is dat zij plezier in hun werk hebben. Als je in je werk zo faalt op een essentieel onderdeel, het menselijk contact, wat maakt dan dat je dit werk doet? Wat drijft je om elke dag op te staan en dit te gaan doen? Hoe kijk je dan terug op je dag? Denk je “Nou, ik heb weer veel gedaan” en kun je dat genoeg vinden? Kun je naar ‘I Daniel Blake’ kijken en denken dat de ambtenaren hun werk goed gedaan hebben?


Eerlijk is eerlijk, ik heb ook de neiging om regels en processen uit te schrijven als ik denk dat het helpt om duidelijkheid te creëren. Is mijn idee dat ik daarbij altijd handel vanuit het oogpunt van elkaar respecteren in verantwoordelijkheden en elkaars kracht terecht? Laat het me weten, mocht ik ooit jou als mens daarin vergeten. En weet, ik zet me met heel mijn hart in om situaties in films als I Daniel Blake fictie te laten worden.


Zijn wij sadomasochisten?

15 februari 2016


Ik heb net een training achter de rug van Karin de Galan. Wat heerlijk om met - in dit geval alleen - vakvrouwen bij elkaar te zijn. Karin legt de nadruk op de elementen pijn en vertrouwen. Vrij vertaald: Als je pijn ervaart (een situatie waar je vanaf wilt) en vertrouwen hebt dat je nog wat te leren hebt, dan blijk je de meest gretige leerling. Een mooiere introductie naar mijn eigen wake up call had het niet kunnen zijn.


Hoeveel pijn moet je voelen om oprecht te willen veranderen?

Ik ben van nature niet degene die pijn opzoekt, niet bij mezelf en niet bij anderen. Toch geloof ik dat iedereen kan leren. Ik heb vertrouwen dat ik en anderen ons gedrag kunnen aanpassen, dat we kunnen groeien en daarmee ons geluk in eigen hand hebben.


Hoe voelt het om dat te lezen? Ik denk dat je al snel hetzelfde ervaart als ik: het klinkt mooi, maar als je vooral hoopt op die fijne situatie waarin alles lukt en aanstuurt op vermijden van pijn...... dan is het resultaat daar ook naar. Best een prettig leven, lekkere harmonie en een beetje ambitie om hoop te houden voor de toekomst, omdat je toch vooral niet blijft waar je bent.


........zzzzzssslaap je al?


Auw! dat doet pijn!

Het alternatief: hard werken? Als je hard werkt, denk je al snel dat je goed bezig bent. Maar kijk je ook wel eens op? En kijk je wel eens van een afstandje hoe dit harde werken bijdraagt aan wat je echt, vanuit je hart wilt bereiken? Wees hierin eens heel eerlijk naar jezelf:


Voor wie heb je je zo hard ingezet? Hoeveel dichter ben je bij je doel gekomen?


Creëer je eigen werkplezier

creatiespiraal


Een hele mooie eerste opdracht in de creatiespiraal: verwoord je wens. Als je echt je dromen wilt gaan leven, loop dan de stappen eens langs. Hoe ver kom je voordat je flow stokt? Dan is dat je eerste leer- / ontwikkelpunt voordat je verder kunt. En schuw de confrontatie en de pijn vooral niet, wil je voorbij dit punt komen. Ik heb vertrouwen dat je die beide aankunt.

Willen we echt goed worden, dan moeten we zwoegen

21 maart 2014


Mijn dochter van 8 wil liever niet op les, ze verwacht dat ze iets in 1 keer moet kunnen en als dat niet lukt, dan is die activiteit gewoon niet leuk. Ik herken die houding bij mezelf: ik sla zelf liefst ook de beginnerscursus over.


Ik las net over een leidinggevende die een gesprek met een medewerker had gehad waarin zij deze medewerker had aangestuurd. Ze vertelde dat ze het voorbereiden van het gesprek nogal moeilijk had gevonden. Ze maakte gebruik van de techniek van progressiegericht sturen. Bij deze aanpak formuleer je heel duidelijk wat je wilt dat de medewerker gaat doen (dit heet je verwachting) en geef je ook duidelijk aan wat de reden is dat je dit van hem of haar vraagt (dit heet je motivering). Ze had het vooral moeilijk gevonden om de reden goed onder woorden te brengen. Ze zei dat ze er van alles bij sleepte en het heel ingewikkeld maakte. Pas aan het eind van haar voorbereiding lukte het haar om haar reden kort en eenvoudig onder woorden te brengen. Na het gesprek bleek dat ze wel het gewenste resultaat had bereikt. Ze voegde er aan toe: “Maar ik vraag me af waarom ik het mezelf zo moeilijk maak tijdens de voorbereiding”.


Deze worsteling is geen falen, maar in feite te vergelijken met de training voordat je een wedstrijd gaat spelen. Dit geworstel in je voorbereiding, hoewel niet prettig op het moment, maakt de kans groter dat je gesprek daarna beter verloopt.


Dit voorbeeld doet me denken aan iets wat in het algemeen van toepassing is. Wij moeten ons inspannen en doorzetten om beter te worden in iets en goede resultaten te bereiken. Wat in de sport heel normaal wordt gevonden, maar in ons werk kunnen we vaak denken dat we de enigen zijn die zo moeten worstelen. Soms lijkt het op alsof anderen hetzelfde moeiteloos te bereiken. Maar dit is een illusie.


De Zweedse psycholoog Anders Ericssons is bedenker van de 10.000 urenregel. Niet talent, maar een verschil in trainingsuren zou het verschil maken tussen de absolute top en de mindere goden in het schaken, vioolspelen, ijshockey en software schrijven, en bijvoorbeeld leiding geven. In de 10.000 uren zit geen magie verscholen”, legt Ericsson uit. “De sleutel is dat je meer moet oefenen dan je concurrenten." Hij illustreert zijn theorieën graag met topsporters. Hij noemt als voorbeeld de Polgár-zusjes. Ruim dertig jaar geleden besloot een Hongaars onderwijzersechtpaar om de kracht van een doelgerichte opleiding aan te tonen. Vanaf zeer jonge leeftijd gaven zij hun dochters systematisch schaakles. Alle drie haalden die de top tien van de wereld. Judit Polgár werd de beste schaakster ooit. Ook het verhaal van de tenniszusjes Williams en hun vader, beiden voormalig nummer 1 van de wereld, illustreert de maakbaarheid van topsporters.


Wat is de reden dat we kunnen denken dat anderen moeiteloos tot hun vaardigheden en prestaties komen terwijl wij zelf er voor moeten zwoegen?

De belangrijkste reden is volgens mij dat wij geen getuige zijn van hun gezwoeg maar wel van ons eigen gezwoeg. Wij zijn erbij als wij oefenen en ploeteren maar van anderen zien wij vaak alleen het resultaat van hun geploeter en gezwoeg. Als we naar een concert gaan zien we iemand optreden die een (hopelijk) vlekkeloze opvoering geeft. Wij weten niet hoe lang en hard deze persoon heeft moeten zwoegen. Maar we zouden het eigenlijk wel kunnen weten. Iedereen die ergens steengoed in wordt heeft lang moeten zwoegen. Het proces van oefenen kan frustrerend zijn maar het is nodig (zie het werk van Anders Ericsson).


Kortom: Betrap je jezelf op de vertwijfeling waarom jij toch zo hard moet zwoegen terwijl anderen dat niet lijken te hoeven doen, realiseer je dan dat dit waarschijnlijk in grote mate een illusie is. Anderen hebben ook moeten zwoegen. Maar omdat jij hier niet bij was lijkt het alsof zij dit niet hebben hoeven te doen. Willen we echt goed worden dan moeten we zwoegen. "Bloed, zweet en tranen...."


>>> Gerelateerde blog: Opgebrand? Stress is niet het probleem

Over het hej werkplezierblog


Ik gun het iedereen om met plezier naar zijn werk te gaan. De teksten in deze blog geven soms een tip of uitleg (hej!), en soms iets prikkelends (hej?!)



Een Nederlander profileert zichzelf niet

27 februari 2015


Als ik tijdens een loopbaanadviesgesprek of -training opper dat het handig is om jezelf te profileren om die leuke baan te krijgen, krijg ik met enige regelmaat te horen "ik wil geen toneel spelen", "ik wil authentiek blijven". Een ja maar-gedachte die je (omgebogen) juist helpt om je effectief te onderscheiden.


Hoe is dat denkbeeld toch ontstaan in de hoofden van de Nederlanders, dat jezelf profileren niet hoort, dat het iets on-echts is? Als ik het enthousiasme zie waarmee mensen zichzelf profileren via Facebook, Twitter, Instagram en andere social media dan lijkt mijn titel onterecht. De nuance ligt hier: Als Nederlander hoort het niet om jezelf actief, ofwel met opzet te verkopen. Een LinkedIn-profiel is een feitelijke weergave van wat ik kan, dus dat is prima.


Is dat Calvinistische uitgangspunt nog wel actueel? Is het "je mag je hoofd niet boven het maaiveld uitsteken"-denken niet een overlevingsstrategie uit vervlogen tijden? Hoe kom je dan aan die nieuwe, leuke baan?


Niet door bescheiden te blijven wachten totdat iemand je benadert. Je zult erop uit moeten, jezelf laten zien en horen èn als het even kan andere mensen laten voelen wie je bent en waarvoor ze jou moeten hebben.


Kijk eens naar dit filmpje.


Welk beeld heb je nu over het gebruik van de moderne communicatiemiddelen om te laten weten wie je bent en wat je voor een bedrijf kunt betekenen?


Wil je "light" starten met het profileren? Begin dan met het (laten) maken van een goede foto en plaats die op je LinkedIn profiel, gecombineerd met een goede 'samenvatting'. De samenvatting is je 'elevator pitch'. Om hem te perfectioneren kun je hem uitproberen als je aan bekenden vertelt waar je naar op zoek bent, of gewoon enthousiast vertelt over wat jou beweegt.


Het is een oude wijsheid, en hij geldt nog steeds: elke reis begint met de eerste stap. Als je vertrekt vanuit jezelf en een stap tegelijk zet, dan blijf je vanzelf dicht bij jezelf, met de belofte dat je wel degelijk ergens anders kunt komen.

COPYRIGHT © 2017 |     hej coaching & consulting